Belasting in Box 3 wordt in 2017 aangepast

Box 3 aanpassingen 2017

Na jarenlang geklaag wordt vanaf volgend jaar eindelijk de belastingheffing in box 3 aangepast. Bijna niemand is echt tevreden met de aanpassing, maar een vooruitgang is het wel.

In box 3 betaal je 30% belasting over het inkomen uit vermogen. De belastingdienst gaat nu uit van een inkomen van 4% (het forfaitair rendement). Nu de rente op spaargeld laag is en beleggen in aandelen nog niet maximaal rendeert, c.q. niet voor iedereen is weggelegd, halen de meeste belastingplichtigen deze 4% niet. Dit zorgt voor een ontevreden gevoel en de roep om aanpassing van het forfaitair rendement in box 3 wordt dan ook steeds luider.

Ideale situatie
Belasting betalen over het rendement dat je echt hebt behaald, is de meest ideale situatie. De systemen van de Belastingdienst zijn hier echter (nog) niet op ingericht. Daarom is een alternatief bedacht waarbij het “denkbeeldige” ook wel forfaitair rendement afhankelijk is van de hoogte van het vermogen.

De Belastingdienst gaat ervan uit dat op een hoger vermogen ook een hoger rendement wordt behaald. De theorie is dat bij grotere vermogens meer kan worden belegd, en beleggen levert een hoger rendement op dan sparen.

Box 3 vanaf 2017
Er zijn twee belangrijke percentages in 2017. Het uitgangspunt van de Belastingdienst is dat een deel van het vermogen rendeert tegen 1,63% en een deel tegen 5,5%. Hoe hoger het vermogen, hoe meer wordt belast tegen het percentage van 5,5%. Het heffingsvrij vermogen bedraagt € 25.000 (2017). Tot dit bedrag is er dus geen belasting verschuldigd in Box 3.

Schijf Grondslag sparen en beleggen Percentage 1,63% Percentage 5,5%
1 Tot en met € 75.000 67% 33%
2 € 75.001 t/m € 975.000 21% 79%
3 Vanaf € 975.001 0% 100%

 

Voorbeeld 2016De grondslag sparen en beleggen van Jan is op 1 januari 2016 € 100.000. Dit is zijn spaarsaldo van € 125.000,- min het heffingsvrij vermogen van € 25.000,-. Het forfaitair rendement is € 100.000 x 4% = € 4.000. Hierover betaalt Frits 30% belasting: € 4.000 x 30% = € 1.200.

Voorbeeld 2017
De grondslag sparen en beleggen van Jan is op 1 januari 2017 nog steeds € 100.000.

Voordeel schijf 1
Voor 67% x € 75.000 = € 50.250 geldt het percentage van 1,63%.
Het voordeel is 1,63% x € 50.250 = € 819.

Voor 33% x € 75.000 = € 24.750 geldt het percentage van 5,5%.
Het voordeel is 5,5% x € 24.750 = € 1.361.

Voordeel schijf 2
Voor 21% x € 25.000 = € 5.250 geldt het percentage van 1,63%.
Het voordeel is 1,63% x € 5.250 = € 85.

Voor 79% x € 25.000 = € 19.750 geldt het percentage van 5,5%.
Het voordeel is 5,5% x € 19.750 = € 1.086.

Belasting box 3 in 2017
Het voordeel in box 3 is in totaal € 819 + € 1.361 + € 85 + € 1.086= € 3.351.
Hierover betaalt Jan 30% belasting: € 3.351 x 30% = € 1.005, zo’n € 195 minder dan in 2016!

 

In bovenstaand voorbeeld betaalt Jan in de nieuwe situatie dus € 195 minder belasting. De hoogte van het vermogen bepaalt of er vanaf 2017 meer of minder belasting wordt betaald, dan in de oude situatie. Het kantelpunt zit op een grondslag van ongeveer € 195.000, vanaf dit bedrag wordt er meer belasting betaald. Het is voor de berekening van de belasting niet relevant of de belastingplichtige spaart of belegt.